Spitfire
De Spitfire was het eerste landvliegtuig van de fabriek Vickers-Armstrong. Het prototype vloog in maart 1936. Het vliegtuig was ontwikkeld op basis van specificaties van het Air Ministry. Het prototype, nog met vaste prop, werd al direct het snelste militaire vliegtuig ter wereld. Tijdens WWII was in het RAF (Dutch) 322Sq al snel de Spitfire in gebruik genomen. Dit werd mede gestimuleerd door het Prins Bernhard Fonds / N.I. Spitfire Fonds dat vóór de inval van de Japanners in toenmalig Nederlands-Indië aan fondsenwerving deed. Na de Tweede Wereldoorlog besloot de regering tot aankoop van Spitfires voor de luchtmacht. Voornamelijk de Mk.IX en Mk.XI werden aangeschaft. In totaal zouden 58 toestellen worden gekocht. Twintig exemplaren werden rechtstreeks naar Indië gestuurd voor luchtsteun bij "politionele acties" van de strijdkrachten. Vijfendertig exemplaren gingen in Nederland dienst doen, aangevuld met drie tweezitters. Daarnaast werd een aantal niet-luchtwaardige exemplaren gekocht voor grondinstructie. De operationele taak eindigde in september 1953. Een aantal exemplaren werd nog aan Schreiner verkocht, die ze ombouwde als doelsleper. Toen in 1957 me die toestellen een aantal ongelukken op Texel gebeurde, was het operationele einde bereikt. Het merendeel van de vliegtuigen werd gesloopt...

