Historische context: Maritieme dienstverlening Rondom de scheepvaart ontstaan, vooral in en rond havens, in de loop van de tijd allerlei vormen van dienstverlening, zoals slepen, bergen, loodsen, ijs breken, brand bestrijden, betonnen, begeleiden en patrouilleren. Daarvoor worden tal van speciale dienstvaartuigen gebouwd. De meeste dienstvaartuigen behoren toe aan toezichthoudende en ondersteunende overheidsdiensten, zoals de (gemeentelijke) havendiensten, Rijkswaterstaat, provinciale waterstaat, douane en politie. Maar er zijn (waren) waren ook veel particuliere bedrijven en organisaties, al zijn die wel gehouden aan een in de loop van de tijd toenemende hoeveelheid wet- en regelgeving. Net als in de scheepvaart zélf vindt bij de dienstvaartuigen voortdurende modernisering plaats. Schaalvergroting, verhoging van de efficiëncy, technische vooruitgang, nieuwe materialen, verbetering van arbeidsomstandigheden, toenemende eisen op het gebied van veiligheid en snelheid van afhandeling en specialisatie leiden er toe dat kleinere schepen en oudere schepen worden vervangen door schepen die meer aan de eisen van de tijd voldoen. Het loodswezen Eén van de vele diensten, die al bestaan zolang er (zee)scheepvaart is, wordt geleverd door de loodsen. Zij assisteren in de haven bij de aankomst van de zeeschepen bij aankomst en vertrek omdat ze de vaarwegen door en door kennen en volledig overzicht hebben op het overige scheepvaartverkeer. In de eerste helft van de 19e eeuw waren er in Nederland staatsloodsen en particuliere loodsen. In 1859 werd de Loodsenwet ingevoerd, die van het gehele loodsensysteem een overheidsdienst maakte, die rond 1980 onder Rijkswaterstaat ressorteerde. De neiging tot terugdringing van de overheid eind 20 eeuw leidde tot een verzelfstandiging van het loodswezen, waarbij de loodsen zich verenigden in de Nederlandse Loodsen Corporatie en aandeelhouder werden van het ondersteunende bedrijf het 'Nederlands Loodswezen B.V.' Via de Loodsenwet houdt de overheid nog wel toezicht op de private loodsen, op de veiligheid en op de tarieven. Bij het Nederlandse loodswezen werken tegenwoordig rui 400 registerloodsen en nog zo'n aantal aan ondersteunende medewerkers. Zij verzorgen per jaar een kleine 100.000 scheepsbewegingen naar Nederlandse (en Vlaamse) havens. De loodsactiviteiten zijn verdeeld over vier regio's, één daarvan is Rotterdam Rijnmond. Het type: de motorloodsjol In het beloodsingsysteem wordt vanouds gebruik gemaakt van loodsboten, tenders en loodsjollen. De loodsen worden met tenders naar de loodsboot gebracht, waar ze wachten en snel in actie kunnen komen als door een schip op zee of in de haven om assistentie wordt gevraagd. In dat geval worden de loodsen met een loodsjol naar het desbetreffende schip gebracht; tegenwoordig worden daarbij ookvaker helikopters ingezet. Tot halverwege de 20e eeuw werden deze jollen geroeid, daarna werden motoren ingebouwd; nieuwe loodsjollen werd standaard met motoren uitgerust. Hout en overnaads De loodsjollen zijn lang van hout geproduceerd; van het onderhavige type werden vanaf tussen 1946 en 1973 in opdracht van het Directoraat Generaal voor het Loodswezen zo'n 130 exemplaren gebouwd op de rijkswerf Willemsoord in Den Helder en op de werf van de firma Wester in Woubrugge. In de jaren 1960 is geëxperimenteerd met polyester jollen, maar deze bleken in onderhoud uiteindelijk een stuk duurder en niet beter. Interessant dat de 'ouderwetse' overnaadse houtbouw beter functioneerde dan de toen moderne materialen en technieken. Pas in de jaren 1990 werd overgegaan op een heel nieuw type, de aluminium jet-gedreven jol, die een snelheid van 24 mph kunnen halen. De houten jollen (max. snelheid 6 mph) werde uit de vaart genomen. Het object: De Motorloodsjol met bouwnummer WW108 De loodsjol met bouwnummer bouwnummer WW108 werd in 1968 gebouwd op de werf van Wester en is 1993 bij het Loodswezen in gebruik gebleven. Toen werd ze vervangen door het nieuwste type jol. De Motorloodsjol als erfgoed In 1993 werd deze loodsjol geschonken aan een voorloper van het huidige Maritiem Museum Rotterdam. Sinds 2011 is de Loodsjol in langdurige bruikleen bij de Stichting "Castor", die de voormalige loodsboot Castor in beheer heeft. De Castor ligt in de Leuvehaven. De jol is door deze stichting de afgelopen jaren geheel gerestaureerd en weer vaarklaar gemaakt.
Kerninformatie
Sector
vaartuigen (water)
Type
dienstvaartuigen Loodsjol
Functie of soort gebruik
Loodsen brengen c.q. afhalen van zeeschepen. Een loodsjol is een bijboot van op zee zijnde loodsboot, gebruikt voor het overzetten van loodsen.
Bouwjaar
1968
Fabrikant/Producent/Werf
Jacht en Scheepswerf Wester te Woubrugge
Bron
NRME
Aanvullende informatie
Merk in SB doft: WW108 (bouwnummer)
Materiaal
Houten sloep met platte spiegel, Iepenhouten huiddelen overnaads geklonken (koperen nagels), kiel, steven, banken, doften, spiegel met knie, achtersteven, motorfundatie en wrangen zijn van eiknhout. Berghout, berghoutsgang en dolboord zijn van Iroko, strevellatten van paranapine.
Ontwerper(s)
Jacht en Scheepswerf Wester te Woubrugge
Ontdek een willekeurig voertuig uit de collectie
Motorloodsjol a/b Castor - Mobiele Collectie Nederland
Canon verhalen
We verzamelen zoveel mogelijk verhalen over alle vervoermiddelen in ons register. Zo krijgen we niet alleen een inkijkje in de geschiedenis van een object maar zien we ook hoe een object ervaren werd.
Na de Tweede Wereldoorlog werd er een serie van 7 loodsboten gebouwd die kenmerkend waren voor de tijd van wederopbouw en Koude Oorlog. Ze werden zo geconstrueerd dat ze in geval van oorlogsdreiging ingezet kon worden. Terwijl de 6 zusterschepen al snel van hun bewapening werden ontdaan, bleef "Castor" tot het moment dat ze uit dienst werd gesteld in 1983 bewapend rondvaren. In de functie van loodsboot fungeerde de "Castor" als een soort basisstation op zee voor de loodsen die van en naar de te beloodsen schepen werden gebracht. Het daadwerkelijke aan boord zetten van de loods, werd op de Noordzee bij weer of ontij, uitgevoerd met de veel kleinere Loodsjollen, die met de boordhijskranen te water werden gelaten. Met behulp van de bekende touwladder klom de loods dan vanuit de jol aan dek van het zeeschip.