Go to Main content
Home
Logo - Stichting Mobiele Collectie Nederland
Zoeken
Streekbus

Streekbus

Culturele biografieHistorische context De Noord-Zuid Hollandse Vervoer Maatschappij was vanaf begin zeventiger jaren van de vorige eeuw, zeker na de fusie met de NACO, het grootste streekvervoerbedrijf van Nederland. Het merendeel van de autobussen was van het merk Leyland. Als gevolg van genoemde fusie en een aantal overnames was de omvang van het wagenpark zo gegroeid dat jaarlijks enige tientallen autobussen vervangen dienden te worden. Verheul had een nieuwe generatie zelfdragende streekbussen ontworpen waarvan de serieproductie in 1967 begon. In de beginperiode werd uitsluitend gebruik gemaakt van Leyland-componenten, die onder een licht Verheul-frame waren gemonteerd. De typeaanduiding was LVB-668 (= Leyland-Verheul-Bus met een wielbasis van 6.00 m en een 0-680-motor). Kort erna kreeg ook Den Oudsten opdracht vrijwel dezelfde autobussen, eveneens met Leyland-componenten, te leveren. Dit werd het type LOB. Omdat sprake was van een modulaire opbouw, ontstonden gemakkelijk varianten als stadsbussen (typen LVS en LOS) en wagens met een lengte van ca. 10 m (type LOK). Daarnaast werden ook bussen -meestal met gedeeltelijk verhoogd dak en aan weerszijden een schuine raamstijl- als semi-toer-of full-toerwagens uitgerust. Het concept was, ofschoon door de Vereniging van Streekvervoerondernemingen (ESO) uitverkoren als dè standaard streekbus en qua uiterlijk zéér herkenbaar, ook voor niet-ESO-leden vrij verkrijgbaar. DAF had, als alternatief, inmiddels een vrijwel identiek chassis, de DAF MB200, ontwikkeld, dat de eerste jaren was voorzien van dezelfde Leyland-0-680-motor. Een brand legde eind 1970 de "Leyland Motor Corporation NV (v/h Auto-industrie Verheul)" volledig in de as. Het bedrijf werd niet herbouwd. De lopende opdrachten werden uitgevoerd door Domburg en Den Oudsten. Enkele jaren later verdween Leyland van de markt, werd DAF de belangrijkste chassisleverancier en Den Oudsten de belangrijkste carrossier. Voor enkele kleinere series paste men Volvo- of Mercedes-Benz-chassis, bijna alle eveneens met underfloormotor, toe of geschiedde de busopbouw door Hainje, Van Hool, Domburg, Van Rooyen of Jonckheere. Vanaf begin tachtiger jaren kwamen er ook gelede bussen volgens hetzelfde concept. Het oorspronkelijke model is, met latere alternatieven of modificaties (zoals verlaagde middenfries, langere vooroverbouw, zonwerend glas, geplakte ruiten, geknikte stuurkolom, vol-automatische versnellingsbak of, naar wens, met individuele afwijkingen) geleverd tot 1988. Nieuw geleverd van 1967 tot 1988 betekent dat de gebruiksperiode van dit zeer herkenbare bustype zich uitstrekte tot ca. 2005, dus bijna gedurende veertig jaren. Daarmee was dit model in Nederland beeldbepalend voor het streekvervoer en voor een groot deel van de ca. 40 steden, waar een streekvervoerbedrijf het stadsvervoer verzorgde. Het concept werd ook geleverd aan ondernemers in Israel, België en Frankrijk. In totaal zijn meer dan 5500 exemplaren van dit model standaardstreekbus gebouwd, waarvan ruim 1700 op basis van Leyland en meer dan 3500 op DAF-onderbouw. Bijna 7 % kwam van Verheul en ruim 84 % werd door Den Oudsten geleverd. Vrij kort na de introductie van het DAF MB 200-chassis kocht de NZH er al 20 van. Die werden afgeleverd in 1971 en 1972. Een tweede serie van 23 volgde in het najaar van 1972. ► Type De NZH 6915 stamt uit de periode dat het DAF-chassis van het type MB 200 voorzien was van een Leyland-motor en (voor 12 m. wagens) een lange wielbasis - van 6.00 m - had, waardoor geen brede voordeur mogelijk was. Het is één van de eerste Den Oudsten-wagens met een verlaagde fries en dus hogere zijruiten. ► Object De NZH 6915 was er een van de tweede serie DAF-standaard streekbussen die de NZH aanschafte. De wagen is voorzien van een verhoogde vloer t.b.v. vooruitrijdende zitplaatsen en een brede middendeur. Het object werd achtereenvolgens ingezet vanuit Voorburg, Leiden en Purmerend. ► Object als erfgoed Na zijn actieve leven werd de NZH 6915 in 1988 toegevoegd aan de museumcollectie van de NZH en gestald in Aalsmeer. Nadat de wagen daar voorwerp van vandalisme was geworden, is hij door tussenkomst van een particulier overgedragen aan de werkgroep Pijnacker van de SVA. RepresentatiewaardeSchakelwaarde Niet van toepassing. ► IJkwaarde De ijkwaarde is zeer hoog, omdat het voertuig een representant is van de in ongekend grote aantallen gebruikte autobus, in diverse varianten, alom in Nederland. ► Symboolwaarde De NZH 6915 heeft geen bijzondere symboolwaarde. Zeldzaamheid Van het concept zijn diverse voertuigen bewaard gebleven, zowel in een uitvoering op DAF- chassis als integraal gebouwd door Den Oudsten. Van de variant met een lengte van 12 m zijn nog enkele exemplaren voorhanden. Staat van het object Het object is momenteel (2011) in restauratie. Ensemblewaarde Niet van toepassing. Presentatiepotentieel Het grote aantal geproduceerde wagens maakt dat het type, ook na verloop van jaren, zeer herkenbaar zal blijven. Cultuurhistorische waarde Het object demonstreert een eerder niet vertoonde graad van standaardisering en uniformering van vorm en uitrusting van vooral streekvervoermaterieel waarbij door een ver doorgevoerde modulebouw toch aan allerlei specifieke gebruiks- en gebruikerswensen voldaan kon worden. Dit gold gedurende meerdere decennia en alom in Nederland. De wagen vertegenwoordigt een uitvoering die het meest voorkwam en was daarom beeldbepalend was voor het toenmalige streekvervoer in veel regio's.

Kerninformatie

Sector
wegvoertuigen
Type
Dieselbus Autobussen
Functie of soort gebruik
Personenvervoer (streekvervoer)
Techniek voortbeweging
Motor: 6-cylinder ondervloer dieselmotor (165 pk) Versnellingsbak: half-automatisch (luchtbediende 4-versnellingsbak met vloeistofkoppeling) Remsysteem: luchtdruk Capaciteit: 44 zitplaatsen
Periode gebruik
1972 - 1988

Bouwjaar
1972
Fabrikant/Producent/Werf
Chassis: DAF (Eindhoven) Carrosserie: Den Oudsten (Woerden)
Merk & Model
Grote streekbus met horizontale motor in het midden onder de vloer, enkele instapdeur voor de vooras en dubbele uitstapdeur voor de achteras. Carrosserie met hoekige en strakke vormen, volgens het toenmalige standaard streekbusmodel. Zitplaatsen op twee rijen dubbele banken; alle vooruitrijdend. Kleuren: gele onderzijde met onderaan een grijze baan, witte raampartijen en dak, grijze raampartjj aan de voorkant.
Bron
NRME

Aanvullende informatie

Voortbordurend op eerdere ontwerpen, bouwde Verheul in 1967 een type bus dat kan worden beschouwd als de oervorm van de moderne gestandaardiseerde streekbus, zoals deze vele tientallen jaren het beeld bij het Nederlandse streekvervoer bepaalde. Het betrof de befaamde 1000-serie, waarvan destijds de eerste exemplaren werden geleverd aan de NZH. De strakke carrosserie, grotendeels van polyester beplating voorzien, vertoonde trekken van eerdere Verheul-bussen en ook de motor was een oude bekende: de bewezen succesvolle Leyland O.680 motor van ca. 165 pk. Toch was, met gebruikmaking van hetgeen was verkregen uit langdurige onderzoeken en proefnemingen, een moderne, aantrekkelijke en rationele bus ontstaan. Van dit type werden in de loop der tijd grote aantallen gebouwd; aanvankelijk vooral met Leyland-componten en later op basis van een DAF-onderstel. Na het verdwijnen van Verheul was het met name Den Oudsten die zeer grote series standaardbussen bouwde, voor vrijwel alle streekvervoerbedrijven. Jarenlang was dan ook de DAF MB200 met een carrosserie van Den Oudsten dé streekbus in Nederland. Met behoud van het oorspronkelijke basisontwerp werden in de loop der tijd ook allerlei varianten gemaakt: korte bussen voor de stadsdienst, bussen in toeruitvoering, gelede bussen, etc. Bovendien evolueerde het uiterlijk, bijvoorbeeld door de toepassing van grotere ruiten, andere koplampen en een gewijzigd front en ook doordat gebruik werd gemaakt van nieuwe technieken, zoals geplakte ramen. Toch was dit niet meer dan het voortborduren op het oorspronkelijke ontwerp en altijd bleef het betreffende voertuig onmiddellijk herkenbaar als "standaardbus". Zoals al vermeld kwamen de eerste exemplaren van de nieuwe Leyland standaardbussen (de serie 1000) in dienst bij streekvervoerder NZH in Haarlem, waar ze meteen in de toen nieuwe en later zo bekende gele kleur werden afgeleverd (men noemde ze daar ook de "Gele Rijders"). Met de komst van de 1000-serie zette de NZH de traditie voort van een bedrijf dat geheel gestandaardiseerd was op het merk Leyland. In dit Leyland-bolwerk verschenen de eerste scheuren toen in 1972 de DAFs uit de serie 6903-6925 in dienst kwamen. Het waren de voorlopers van grote series DAF/Den Oudsten bij de NZH. Eén van de bussen uit die eerste serie, de latere museumbus 6915, werd op 14 oktober 1972 samen met de 6916 en de 6917 door de firma Den Oudsten afgeleverd aan de garage te Leiden. Vrijwel direct werden ze echter toegevoegd aan de vestiging Voorburg, maar in 1974 kwamen ze weer terug in het wagenpark van de garage Leiden en hiermee begon een lang leven voor de 6915 in de Leidse agglomeratie. Begin 1980 verhuisde de gehele serie 6903-6925 (en dus ook de 6915) naar de regio Waterland (Purmerend), waar ze tot het einde van hun dienst hebben gereden. In 1981 kreeg de 6915 nog groot onderhoud in Haarlem, waarbij een groot deel van de bekabeling werd vervangen. Tevens werd de carrosserie grondig geïnspecteerd en waar nodig gerepareerd. Gedurende zijn werkzame leven liep de 6915 nooit grote schades op, getuige ook de "eerste grille" die de 6915 nu nog heeft. De afvoer van de serie 6903-6925 begon in 1988 en veel van deze DAFs gingen voor een tweede bestaan via België naar Portugal. De 6915 bleef echter voor museumdoeleinden bewaard en werd overgedragen aan het NZH-Bedrijfsmuseum. De bus werd gestald in de centrale overdekte hal van de voormalige Maarse & Kroon-stalling te Aalsmeer, maar helaas viel hij hier ten prooi aan vandalisme, waarbij zelfs pogingen werden gedaan de bus in brand te steken. Contacten tussen een medewerker van de SVA en het NZH-Bedrijfsmuseum leidden er uiteindelijk toe dat de bus begin 2002 aan de SVA werd overgedragen en in beheer kwam bij de werkgroep Pijnacker. In de jaren daarna werd de restauratie ter hand genomen, waarbij vooral van de rechterachterzijde en van de achterkant van de bus grote delen grondig werden gerestaureerd of vernieuwd. Dit alles door de toegewijde inzet van één persoon. Om diverse redenen besloot de SVA bij het tegen het licht houden van haar collectie dat deze bus mogelijk een ander thuis zou moeten krijgen. Positieve contacten met de vorige eigenaar, het NZH Vervoer Museum (voorheen geheten NZH-Bedrijfsmuseum) leidden er toe dat de 6915 in augustus 2013 weer werd overgedragen aan laatstgenoemd museum en in september van dat jaar daadwerkelijk verhuisde van Pijnacker naar Haarlem. Aldaar is de (verdere) restauratie ter hand genomen. Die kon in oktober 2018 worden afgesloten, met de presentatie van een prachtige autobus 6915, die er weer "als nieuw" uitzag.

Materiaal

Stalen chassis met aparte carrosserie, bestaande uit een gelast metalen framewerk met polyester beplating


Ontwerper(s)

Chassis: DAF Carrosserie: Den Oudsten

Ontdek een willekeurig voertuig uit de collectie

Streekbus - Mobiele Collectie Nederland