
Stadsbus
Het gemeentevervoerbedrijf van Utrecht werd opgericht in 1904. In dat jaar werd besloten tot het aanleggen van een gemeentelijk elektrisch tramnet. Op 20 juni 1906 reed de GTU (Gemeentelijk Trambedrijf Utrecht) voor het eerst. Vanaf 1925 werden er ook buslijnen ingesteld en in de 15 jaar die daarop volgden werden steeds meer tramlijnen door busdiensten vervangen. In 1939 reed de gemeentelijke tram voor het laatst en werd het busbedrijf samengevoegd met andere gemeentelijk diensten in het GEBRU (Gemeentelijk Gas-, Electriciteit-, Bus- en Radiobedrijf Utrecht), in 1954 werd dit GEVU (Gemeentelijk Energie- en Vervoerbedrijf Utrecht). In 1977 werd het energiebedrijf afgesplitst en ontstond de naam GVU. Het lijnennet werd in de jaren '50 en '60 gestaag uitgebreid naar gereed gekomen nieuwbouwwijken zoals Kanaleneiland en Overvecht. De voortgaande uitbreiding van de stad zorgde voor meer reizigers en dat was aanleiding tot het instellen van steeds meer buslijnen. Zo kwamen er in 1971 o.a. twee ringlijnen bij. Belangrijk werd vooral het Universiteitscentrum De Uithof, dat vanaf de jaren zestig gebouwd werd, en sinds 1969 met een busdienst van regelmatig vervoer werd voorzien. Deze groei was ook aanleiding tot de aanschaf van een serie gelede en later dubbel gelede bussen. In 2004 werd het GVU een N.V. met de gemeente als enige aandeelhouder. De gemeente verkocht de aandelen in 2007 aan Connexxion. GVU verzorgde tot 8 december 2013 het busvervoer in de gemeente Utrecht, diverse buslijnen tussen Utrecht Centraal en Maarssen en enkele lijnen in het buitengebied ten noorden van de stad. Deze lijnen vormden samen de Concessie Stadsvervoer Utrecht. Het object: De GVU 52 kwam op 16 februari 1988 in dienst. Hij maakte deel uit van de laatste serie Hainje CSA2 bussen die aan het GVU geleverd zijn: de serie 44 t/m 59. Deze bussen hebben dienst gedaan op alle lijnen van het GVU. Vanaf 1998 werden de eerste wagens afgevoerd na instroom van nieuw materieel. In 2006 was de hele serie uit dienst. GVU 52 ging in juli 2005 uit dienst. Het object als erfgoed: In juli 2005 werd de GVU 52 overgedragen aan het Leyland Bus Museum om in augustus 2005 ondergebracht te worden bij het Noordelijk Bus Museum in Winschoten, thans Nationaal Bus Museum in Hoogezand. De bus is inzetbaar en beschikbaar om deel te nemen aan publieksevenementen en is tevens inzetbaar voor bruiloften en jubilea.












