Streekbus
Historische context De 9229 is een product van de standaardisering van stads- en streekautobussen die eind jaren '60 van de vorige eeuw vanwege de toegenomen overheidsinvloed in het openbaar vervoer in gang is gezet. Mede omdat standaardisering kostenbesparend werkt en onderhoudstechnisch grote voordelen heeft en het nieuwe overheidsbeleid de aanschaf van nationale producten bevordert, is de keuze gevallen op een door DAF ontwikkelde motor en het door Den Oudsten ontworpen carrosserie. Het type Het model was gelijk aan de in 1967 gepresenteerde prototypes van motorfabrikant Leyland en carrosseriebouwer Verheul. In een periode van bijna twintig jaar zijn ruim 2.800 12-meter standaard streekbussen gebouwd door DAF en Den Oudsten. Als de varianten op - en bussen van andere fabrikanten worden meegerekend komt de teller boven de 5.500 stuks. Halverwege de jaren '80 komt er, zeker vanuit vervoerder Centraal Nederland, steeds meer weerstand tegen de standaardisatie. In 1985 laat CN een tiental nieuwe bussen instromen met verbeteringen ten opzichte van voorgaande series. Deze bussen hebben onder andere grote filmkasten (met beter leesbare bestemmingen op de bestemmingsfilmrol) en stoffen bekleding. Deze bussen kregen al snel de bijnaam "hoge pet". Deze nieuwe bussen, die ervoor het eerst sinds 1969 anders uitzien dan alle andere streekbussen, vallen erg in de smaak. Een nieuwe trend is gezet: Meer aandacht door de wensen van de passagier, meer comfort, een luxer uiterlijk en meer aandacht voor de wensen van de chauffeur. Nadat in 1986 acht toerbussen een zogenoemde facelift hadden ondergaan met de "hoge pet" als voorbeeld kreeg vanaf 1988 het faceliftproject vorm. Het object Op 6 april 1982 werd de bus, die deel uitmaakte van een serie van 49 bussen, afgeleverd door Den Oudsten uit Woerden en overgebracht naar de garage van Centraal Nederland in Aalsmeer waar hij op 19 april in dienst werd genomen. Vanuit deze vestiging deed de wagen vele jaren dienst in de gele kleur en met grijze schortplaten. Tweehonderd bussen van het type MB200, niet ouder dan negen jaar, ondergingen een uitgebreide facelift en levensduur verlengende behandeling bij het Centraal Autoherstel Bedrijf in Utrecht (C.A.B.). Ook de 9229 kreeg een facelift. Op 27 februari 1991 werd de wagen binnen genomen en ontdaan van de kleine filmkast en de rode meubels. De carrosserie werd gereviseerd en geschilderd en ook het interieur werd compleet vernieuwd. Compleet met grote filmkast, een mintgroen interieur en schortplaten in twee tinten blauw typerend voor het vernieuwende Centraal Nederland, werd de 9229 eind april weer in dienst genomen. Nu reed de bus voornamelijk vanuit de vestiging in Uithoorn en soms ook vanuit Hoofddorp. Tot aan de opdeling van de vervoersgebieden in 1994 zou de 9229 in de Haarlemmermeer en het Amstelland blijven rijden. Op 29 mei 1994 werd Centraal Nederland opgesplitst in twee delen. Eén deel fuseerde met de Verenigde Autobus Diensten (VAD) en kreeg de naam Midnet. Het andere deel ging over aan de NZH. Bij de materieelverdeling kreeg Midnet de 9229 toebedeeld. De wagen reed op alle lijnen die door de vestiging Nieuwegein werden verzorgd. De wagen kwam nog steeds in Amsterdam, maar nu voornamelijk op lijn 120 naar het Muiderpoortstation. In 1999 ging Midnet op in het nieuwe vervoerbedrijf Connexxion. Nog slechts een jaar zou de bus blijven rijden. Soortgenoten werden na hun trouwe dienst geëxporteerd of doorverkocht. De 9229 kwam terecht bij de regiopolitie Arnhem. Daar werd de bus verbouwd tot mobiele politiepost met keukenblok en arrestantencellen. In het voorjaar van 2011 werd de bus verkocht. Het object als erfgoed Op 18 maart 2011 werd de bus gekocht door Stichting MB200. De bus is technisch in orde gemaakt. De motor werd gereviseerd. De bus vormde echter een sta-in-de-weg omdat andere bussen van de stichting te weinig onderhoud leken te gaan krijgen. In stichting BRAM is een goede partner gevonden om de bus in haar collectie op te nemen. Een dergelijke bus stond al langer op het verlanglijstje volgens de Nota Museumbusbeheer. Direct na de overname is begonnen om het politie-interieur te verwijderen en zoveel mogelijk originele interieurdelen te verzamelen. De bus wordt gerestaureerd in de staat die het had direct na de facelift van 1991: Met onder andere gemoderniseerde grille, grote filmkast, mintgroen interieur en blauwe schortplaten en als waardige representant van de vooruitstrevende vervoermaatschappij Centraal Nederland.








.jpg&w=1920&q=75)


