
Streekbus
Culturele biografie ► Historische context De tweede wereldoorlog had in Nederland vrijwel geen bus meer overgelaten. Ze waren weggevoerd, gestolen, ernstig beschadigd of eenvoudig opgereden door gebrek aan onderhoud en/of door overbelasting. De bedrijfstak 'openbaar vervoer' stond voor de noodzaak het materieelpark van de grond af aan op te bouwen en bij voorkeur zo snel mogelijk. Het materieel dat beschikbaar was bestond uit gebruikte ( bijna uitsluitend) legervoertuigen. Vaak werd de aanwezige opbouw, al dan niet inclusief cabine, verwijderd en vervangen door een zeer eenvoudige noodopbouw om reizigers te kunnen vervoeren. ►Type Bij de voor de BBA gebouwde serie bussen nrs. 157 - 179 ging men wel uit van een bestaand legerwagenchassis, maar dit werd door de firma Allan ingrijpend aangepast en voorzien van een echte autobuscarrosserie. De besturing werd gewijzigd van normaalstuur naar frontstuur, waardoor de chauffeur naast de motor kwam te zitten, maar de (Engelse) rechtse besturing bleef gehandhaafd. Door deze positie was een instap voor de vooras niet mogelijk en om toch eenmansbediening te kunnen toepassen werd de in/uitstapdeur (klapdeur) half na, half boven de vooras gepositioneerd. De reiziger stapte dan direct achter de chauffeur in. Er was geen aparte chauffeurscabine. ► Object Direct na de oorlog werden noodbussen gecreëerd door aanwezige (vrijwel altijd leger- en aanverwante) voertuigen met eenvoudige middelen min of meer geschikt te maken voor het vervoer van reizigers. De BBA 176 behoort tot de categorie die daar direct na kwam: er werd wel gebruik gemaakt van een legerchassis, maar dat werd vrij ingrijpend aangepast en er werd een echte busopbouw op geplaatst. ► Object als erfgoed De BBA 176 is het enig overgebleven voertuig met het concept: echte busopbouw op een aangepast legerwagenchassis. Representatiewaarde ► Schakelwaarde Het object representeert het weer op gang brengen van het personenvervoer na de tweede wereldoorlog. Nog wel met gebruikmaking van beschikbare legerwagenchassis, maar wel met een echte autobusopbouw. Deze opbouw representeert het zoeken naar een geschikte indeling van de bussen. De reizigersstroom moest vanwege de eenmansbediening langs de chauffeur worden geleid, maar het beschikbare chassis liet nog geen instap voor de vooras toe. Vandaar de plaatsing van de instapdeur direct achter de vooras. ► IJkwaarde Het object staat model voor de wil om met beperkte middelen het autobusvervoer weer op gang te brengen. Dat leidde in dit geval tot een wat curieus model dat niettemin een echte bus was. Er zijn niet veel wagens van dit type geweest. ► Symboolwaarde Het object is nauw verbonden met het langzaam weer op gang komen van het busvervoer na de oorlog waarbij met beperkte middelen geïmproviseerd moest worden. Zeldzaamheid Er zijn weinig bussen van dit type geweest en daar is er nog één van over. Staat van het object Het object verkeert in slechte staat en vergt complete restauratie. Ensemblewaarde Niet van toepassing Presentatiepotentieel Wanneer het object eenmaal gerestaureerd zal zijn zal het presentatiepotentieel als representant van het improvisatietijdperk vrij hoog zijn. Cultuurhistorische waarde De BBA 176 staat symbool voor het op gang komen van de opbouw van Nederland. Er werd gebruik gemaakt van aanwezige chassis, maar die werden ingrijpend aangepast en er werd een echte busopbouw op geplaatst. Het object is de enig overgebleven vertegenwoordiger van deze generatie in de sector openbaar vervoer. Daarom is de historische betekenis zeer groot.












