
Streekbus
Culturele biografie ► Historische context Maarse en Kroon was een groot en gerenommeerd particulier autobusbedrijf met hoofdzetel in Aalsmeer. Het exploiteerde buslijnen in het gebied Haarlem - Amsterdam - Utrecht - Leiden met een accent op Schiphol en het voorstadsvervoer van Amsterdam. In de jaren '60 en '70 stegen de kosten en daalden de opbrengsten waardoor de overheid de verliezen moest gaan bijpassen. Daarbij stelde de overheid eisen waaraan de particulieren moeilijk konden voldoen; zij zagen zich genoodzaakt hun bedrijf aan de overheid (de spoorwegen) te verkopen. De M&K 1605 is zelf een variant van de betrekkelijk 'gewone' standaard streekbus, maar hij 'leefde' in een ongewone context. Hij werd door het particuliere bedrijf Maarse en Kroon besteld bij Verheul. Maar Verheul brandde af en gaf collega Domburg de opdracht de werkelijke bouw uit te voeren. Toch werden de bussen met de karakteristieke V van Verheul op het front afgeleverd. Toen ze gereed waren was M&K geen particuliere onderneming meer, maar was een dochter van de spoorwegen geworden. Twee jaar later ging M&K samen met de NBM op in Centraal Nederland en bestond M&K alleen nog in de herinnering. Verheul had een nieuwe generatie zelfdragende streekbussen ontworpen waarvan de serieproductie in 1967 begon. In de beginperiode werd uitsluitend gebruik gemaakt van Leyland-componenten, die onder een licht Verheul-frame waren gemonteerd. De typeaanduiding was LVB-668 (=Leyland-Verheul-Bus met een wielbasis van 6.00 m en een 0-680-motor). Kort erna kreeg ook Den Oudsten opdracht vrijwel dezelfde autobussen, eveneens met Leyland-componenten, te leveren. Dit werd het type LOB. Omdat sprake was van een modulaire opbouw, ontstonden gemakkelijk varianten als stadsbussen (typen LVS en LOS) en wagens met een lengte van ca. 10 m (type LOK). Daarnaast werden ook bussen - meestal met gedeeltelijk verhoogd dak en aan weerszijden een schuine raamstijl - als semi-toer-of full-toerwagens uitgerust. Het concept was, ofschoon door de Vereniging van Streekvervoerondernemingen (ESO) uitverkoren als dè standaard streekbus en qua uiterlijk zéér herkenbaar, ook voor niet-ESO-leden vrij verkrijgbaar. DAF had, als alternatief, inmiddels een vrijwel identiek chassis, de DAF MB200, ontwikkeld, dat de eerste jaren was voorzien van dezelfde Leyland-0-680-motor. Een brand legde eind 1970 de "Leyland Motor Corporation NV (v/h Auto-industrie Verheul)" volledig in de as. Het bedrijf werd niet herbouwd. De lopende opdrachten werden uitgevoerd door Domburg en Den Oudsten. Enkele jaren later verdween Leyland van de markt, werd DAF de belangrijkste chassisleverancier en Den Oudsten de belangrijkste carrossier. Voor enkele kleinere series paste men Volvo- of Mercedes-Benz-chassis, bijna alle eveneens met underfloormotor, toe of geschiedde de busopbouw door Hainje, Van Hool, Domburg, Van Rooyen of Jonckheere. Vanaf begin tachtiger jaren kwamen er ook gelede bussen volgens hetzelfde concept. Het oorspronkelijke model is, met latere alternatieven of modificaties (zoals verlaagde middenfries, langere vooroverbouw, zonwerend glas, geplakte ruiten, geknikte stuurkolom, vol-automatische versnellingsbak of, naar wens, met individuele afwijkingen) geleverd tot 1988. Nieuw geleverd van 1967 tot 1988 betekent dat de gebruiksperiode van dit zeer herkenbare bustype zich uitstrekte tot ca. 2005, dus bijna gedurende veertig jaren. Daarmee was dit model in Nederland beeldbepalend voor het streekvervoer en voor een groot deel van de ca. 40 steden, waar een streekvervoerbedrijf het stadsvervoer verzorgde. Het concept werd ook geleverd aan ondernemers in Israel, België en Frankrijk. In totaal zijn meer dan 5500 exemplaren van dit model standaardstreekbus gebouwd, waarvan ruim 1700 op basis van Leyland en meer dan 3500 op DAF-onderbouw. Bijna 7 % kwam van Verheul en ruim 84 % werd door Den Oudsten geleverd. ► Type De in 1971 gebouwde M&K 1605 bezit een chassis van Verheul en een motor van Leyland. De opbouw zou ook van Verheul komen, maar het werd Domburg (in opdracht van Verheul). Om snel instappen te bevorderen kreeg de serie als eerste een dubbele voordeur en werd daarmee een voorloper van de 'agglomeratiebus'. Abonnement-houders mochten door de tweede deur instappen, waarbij zij hun kaart moesten tonen. Later kreeg de tweede deur een stempelautomaat voor strippenkaarten. Dit systeem werkte goed. De wagens hadden een vlakke vloer met dos-á-dos opstelling boven de wielkasten en veel staruimte. De bussen van Maarse en Kroon hadden tot dan toe een bijzonder uiterlijk dat (o.a.) werd ontleend aan het aanbrengen van brede sierstrippen op de zijkant. De serie M&K 1601 - 1620 was juist sober in uitvoering, zonder sierstrippen en lijsten, en werd (als eerste bij M&K) in 'streekgeel' afgeleverd. ► Object Na een vrij kort (12 ½ jaar), maar intensief leven op vooral de voorstads(integratie-)lijnen 65/66 van Amsterdam naar Amstelveen gingen de M&K 1600-en eind 1983/begin 1984 met pensioen. ► Object als erfgoed Na zijn actieve leven werd de M&K 1605 in 1984 verworven door de MUSA en gestald in Amsterdam. Daarbij werd de bus teruggebracht in de afleveringstoestand. Door het vervallen van de stallingsmogelijkheden in Amsterdam verhuisde de bus naar een plek nabij Alkmaar. In 2011 nam de SVA de bus over en stalde die in Aalsmeer, zijn oorspronkelijke thuisbasis. Representatiewaarde ► Schakelwaarde De M&K 1605 heeft schakelwaarde omdat de serie waartoe hij behoort de overgang vormt naar het type 'agglobus' en naar het toepassen van dubbele instapdeuren in het streekvervoer. ► IJkwaarde Het object is weliswaar een representant van een in ongekend grote aantallen gebruikt type autobus, maar het is bijzonder sober van uitvoering en het leent zich daarom minder om als ijkpunt voor andere exemplaren te dienen. ► Symboolwaarde De M&K 1605 heeft geen bijzondere symboolwaarde. Zeldzaamheid Van het concept zijn diverse voertuigen bewaard gebleven, zowel gebouwd door Verheul als door Hainje, Den Oudsten als ook Domburg. Daarbij bevonden zich chassis van Leyland als ook van DAF en ook integraal door Den Oudsten gebouwde wagens. En zowel in de uitvoering als stads-, streek-, als semi-tourbus en als gelede bus. Van de variant met een lengte van 12 m zijn nog verscheidene exemplaren voorhanden. Staat van het object Het object is rijvaardig en presentabel (stand 2011). Ensemblewaarde Niet van toepassing. Presentatiepotentieel Het grote aantal geproduceerde wagens maakt dat het type, ook na verloop van jaren, zeer herkenbaar zal blijven. Cultuurhistorische waarde Het object demonstreert een eerder niet vertoonde graad van standaardisering en uniformering van vorm en uitrusting van vooral streekvervoermaterieel waarbij door een ver doorgevoerde modulebouw toch aan allerlei specifieke gebruiks- en gebruikerswensen voldaan kon worden. Dit gold gedurende meerdere decennia en alom in Nederland. De wagen behoort tot een hoofdtype dat veel voorkwam en was daarom beeldbepalend voor het toenmalige streekvervoer in veel regio's. Binnen de serie standaard streekbussen neemt de M&K 1605 een bijzondere plaats in omdat hij behoorde tot de eerste serie met een dubbele instapdeur. Hij vertegenwoordigt een gerenommeerd streekvervoerbedrijf en is een uitvoeringsvorm van de zeer beeldbepalende serie standaard streekbussen, al is hij daarin lang niet de enige. Ook de bouw bij Domburg onder de vlag van Verheul is bijzonder.












